Avonturen van Didier deel 2: Bray-Dunes & Duinkerke

Didier reist van bestemming naar bestemming een deelt zijn impressies met ons. Vandaag kunt u genieten van deel 2 van zijn blog:
Na een stevig ontbijt was ik klaar om mijn omgeving in kaart te brengen. Daar mijn GPS het liet afweten moest ik mij vertrouwen op mijn oriëntatiecapaciteiten. Ik zette mijn trektocht verder naar…

Duinkerke

Op een boogscheut van Bray-Dunes ligt de havenstad Duinkerke. Er is een haven… dat is het enige dat ik wist. En m’n vader heeft er gewerkt… op een boot. Zo ver mijn parate kennis over de 3de grootste haven van Frankrijk. Na wat opzoekwerk blijkt Duinkerke het kloppend hart van de regio te zijn en zal ik mij er waarschijnlijk wel kunnen bezighouden.

Een kwartier later stond ik, enerzijds verrast, voor de slagboom van mijn ondergrondse garage, midden in het centrum. Trappen op, deur open en een klein zonnestraaltje worstelde zich door het wolkenveld, trachtende mij te verwelkomen in de ‘grijze havenstad’.

Dat laatste had ik ergens gelezen op het internet. Ik vond er weinig van aan. Grijs was het alvast niet… rode, groene en blauwe hesjes stonden zich namelijk te verkneukelen over een lading bommetjes die ze afstaken op het plein, terwijl de drummer mijn hartslag poogde te imiteren. Staken kunnen ze blijkbaar ook in Frankrijk. Een explosieve verwelkoming op een vroege ochtend. Het is eens iets anders.

Duinkerke is een vrij compacte stad. Alles ligt op een zakdoek bijeen. Maar het is wel de moeite waard. Het belfort, het stadhuis, de leugenaarstoren, de centrale markt ‘Jean Bart’, de talrijke musea, de haven met zijn jachten en prachtig zeilschip ‘Princess Elizabeth’.

Desondanks de kleine oppervlakte schreeuwden mijn voeten om rust en de geluidsfrequenties die m’n maag produceerde achtte de tijd rijp voor een gastronomische verwen(k)uur. En om deze honger en dorst te stillen, moet je in Duinkerke niet ver zoeken. Kleine, gezellige brasserietjes loeren om elke hoek en baden in een typisch Franse sfeer. Ook grotere, internationale ketens zijn er te vinden en dat geldt tevens ook voor de boetieks en klerenwinkels in de stad.

Duinkerke was dan ook een ideale uitstap en desondanks het koude winterweer stroomde het volk door de straten. Er heerste een warm gevoel en ik kan mij voorstellen dat tijdens de carnavalsperiode de boel hier echt wel op stelten kan staan. Op de toeristische dienst vertrouwden ze mij ook toe dat ook tijdens de zomer het hier over de koppen lopen is.

De zon verloor het gevecht met de schemering en dat was voor mij het signaal om mijn auto in te springen en te vertrekken naar volgende bestemming…

Lees ook onze andere blogposts: